print logo

Geestelijk dakloos

 Haags Straatnieuws (The Netherlands) 26 October 2019

Zo betitelt singer songwriter Nadie Reyhani (27), dochter van de overleden Haagse zangeres Nadieh, het gevoel dat ze met zich meedraagt. Het bracht haar al bij zwerfkinderen in Australië en het levert mooie liedjes op. Eind november verschijnt haar debuutalbum. (1593 Words) - By Tanya van Der Spek

Share

Haag's Street News

 Courtesy of Haag's Street News

Daags nadat de heren van KANE hun vijfde studioalbum uitbrengen, lanceert Nadie Reyhani eind november haar debuut Small prayers by night. Hoewel geboren in Den Bosch, zijn de wortels van de folkzangeres Haagser dan die van de KANE-rockers. "Mijn halve familie komt uit Den Haag. M'n oma is een echte Scheveningse, m'n opa was haar Indonesische buurjongen en mijn moeder is geboren in het Zeeheldenkwartier: Hugo de Grootstraat 29." Thuis serveert ze soep met komijn. "Iraniërs doen dat overal in", refereert ze aan haar vader, die in 1960 naar Nederland emigreerde. Nadie's moeder Karin Meis is beter bekend onder de artiestennaam Nadieh, de in 1996 overleden zangeres die in de jaren tachtig hits had als Windforce 11, Lovers eyes, Katoozazaï en Words.

Nadie (spreek uit als 'Náádie-je', de Perzische naam betekent 'roepster') woont nu in Amsterdam, maar treedt regelmatig op in Lokaal Vredebreuk, het intieme keldercafé in de Papestraat. Ze heeft een vaste schare fans door haar zuivere sopraanstem, poëtische teksten en melancholische toonladders. Inspiratie voor de dromerige folksongs vormt het gevoel 'geestelijk dakloos' te zijn. "Als kleuter begreep ik niet hoe de anderen met poppetjes konden spelen, terwijl ik mij afvroeg waar het universum eindigde. Ik heb een periode dagelijks twee uur gebeden omdat ik wilde weten wie ik was en wat ik hier deed. Ik voelde me nergens thuis, ik wilde me verbonden voelen met iets of iemand." Ze heeft een tenger voorkomen, praat snel, oogt soms verlegen maar is verrassend stellig. Het bidden hielp niet en als tegenreactie begon ze op haar 21ste te roken, te drinken en te experimenteren met vriendjes. Ze nam een tattoo, een pierding en schoor uit liefdesverdriet haar hoofd kaal. Ze moet er nu om lachen.

"Ik benader het leven nu meer beschouwend, het is zoals het is. Maar nog steeds draag ik een melancholisch verlangen in me. Dat had mijn moeder ook. Het gevoel een vreemde te zijn in dit leven, eenzaam en op doorreis door een vreemd land. Het is niet meer zo hevig als vroeger maar ik denk soms 'wat is dit voor spelletje, waar ik ben in gezet?' Dat je omhoog kijkt en zegt: 'Zo is het leuk geweest, druk de pauzeknop maar in.'. Ik bedoel: je weet niet waar je vandaan komt, je weet niet waar je naartoe gaat en wat moet je met indrukken die je opdoet, mensen die je ontmoet en emoties die je hebt? Die zoektocht noem ik geestelijk dakloos. Waar hoor ik geestelijk thuis in deze wereld?" Na een stilte: "Dat klinkt wel heel zwaar hè, alsof ik heel erg verloren ben. Anders gezegd: ik ben op zoek naar een huisje voor mijn ziel." Dit gevoel was aanleiding om op haar negentiende in Australië met dakloze kinderen te werken.

 

AUSTRALIE

"Ik reisde met de bekende theaterdansgroep ArtWorks door Australië. Doel van de optredens was de kloof dichten tussen Aboriginals en andere Australiërs. Vreselijk, hoe de Aboriginals in krotten wonen. Ze zijn gewend rond te reizen maar moeten van de overheid op één plek blijven waar ze niets hebben. In Alice Springs, in het midden van het land, heb ik een paar maanden gewerkt in een opvangtehuis voor dakloze kinderen. Ze waren mishandeld, in de steek gelaten of hadden ouders hadden die lijm snuiven. Ik gaf ze eten, speelde met ze en haalde zwarte weduwen uit de hoeken van het kinderdagverblijf. Ik werd verliefd op die kinderen! Het voelde zo goed om hun leven te verlichten. Ik wilde geven wat ik zelf miste, een gevoel van thuis. Daar voelde ik me oprecht gelukkig." Dat geluksgevoel ontwaart Nadie nu bij optredens. "Op het podium ben ik ook bezig om anderen iets te geven. Ik wil de luisteraar raken, blij maken, daar word ik gelukkig van. Wanneer mijn muziek iemand raakt, voel ik mij met hem of haar verbonden, de eenzaamheid verdwijnt. Dan voel ik mij thuis."

En dan te bedenken dat Nadie eigenlijk niet de muziek in wilde. "Dat deed mijn moeder al, dus ik zette mij er tegen af." Nadie studeerde Cultuurwetenschappen in Maastricht maar schreef ook liedjes en begon op te treden. "Ik kon mijn muzikale erfenis niet wegstoppen. Zowel in mijn vaders als moeders familie zitten muzikanten. Thuis was er altijd muziek. Mijn broertje en ik dansten 's morgens op de keukentafel wanneer mijn moeder, net thuis van een optreden, zong en gitaar speelde. Wij gingen dan naar school en zij ging slapen." Nadie liet haar speelgoed al slingeren op studiovloeren van Wisseloord waar in die tijd Mick Jagger, Elton John en haar moeder hun platen opnamen. Nadie is, net als haar moeder in het begin van haar carrière, een 'meisje met de gitaar', zonder band. Onlangs heeft ze een huiskamertour gedaan met collegazangers MiRco en Luke Nyman onder de naam Travlin' Tunes. Na twee EP's (korte CD's) verschijnt dan nu een echt album, geproduceerd door Arno Guveau die ook het debuut van Stevie Ann produceerde. Stevie Ann won er in 2005 een Zilveren Harp mee. En ook Nadie's moeder won voor haar debuut een Zilveren Harp in 1987.

 

MOEDER NADIEH

"Ik mis de warme omhelzing van mijn moeder. Soms wil ik haar vragen hoe zij iets heeft aangepakt, zeker nu ik me ook in de muziekwereld beweeg. Als kind had ik al veel vragen aan haar, dan riep ze: 'Op je achttiende neem ik je mee naar Londen en vertel je alles!'". Dat is er nooit van gekomen. Nadie was veertien toen haar moeder overleed op 37-jarige leeftijd aan borstkanker en een longembolie. "Mijn wereld stond op z'n kop, mijn hele leven veranderde en ik begon te twijfelen aan alles wat ik tot dan toe voor waar hield. Na dertien jaar slaap ik in de week rond haar sterfdatum nog steeds heel slecht." Tot haar moeders dood leefde het gezin in het Betuwse dorpje Rhenoy met negen paarden, honden, katten, hamsters 'en een ontelbare hoeveelheid vlooien'. "Mijn moeder wilde haar boterham verdienen met muziek en daarbij rustig leven op het platteland en zieke paarden beter maken." Naast het huis aan de Lingedijk bevindt zich een begraafplaats. Moeder Nadieh maakte tijdens haar leven altijd de grap: 'Gooi mij maar over het muurtje als mijn tijd gekomen is.' In de jaren negentig bleven de hits uit en werden de dieren te duur. "Het huwelijk van mijn ouders was op de klippen gelopen en mijn moeder verloor de controle over haar leven. Toen ze ziek werd, had ze niet meer de kracht om te vechten." Zelfs in haar ziekenhuisbed maakte Nadieh nog liedjes met haar gitaar. Toen de pijn te heftig werd, fluisterde ze: 'Ik word nieuwsgierig naar wat er zich achter het muurtje bevindt.' Ze ligt nu inderdaad begraven op het kerkhof naast het huis. Haar gitaar ging mee in haar kist en op de grafsteen staat een gitaar afgebeeld. Nadie: "Ik hoop dat door mijn album haar muziek ook weer in de belangstelling komt. Haar hits staan gelukkig nog steeds in de Top 2000 Allertijden en de Radio West Top 500. Ik vind het niet erg als mensen ons met elkaar vergelijken, ik ben er trots op dat zij mijn moeder is. Ik zie mijn muziek als een voortzetting van haar leven en muziek, het is geen competitiespelletje. We lijken op elkaar qua innerlijk en uiterlijk. Alleen, zij was stelliger, ik wat meer afwachtend. En zij was 1.82 en ik 1.62!"

 

RECHTVAARDIGHEID

Wat Nadie ook heeft geërfd is haar moeders rechtvaardigheidsgevoel. Nadie is opgevoed met het van oorsprong Iranese bahá'í-geloof. Deze jongste en snelst groeiende wereldreligie (zes miljoen aanhangers in tweehonderd landen) moet tot wereldvrede leiden en gaat ervan uit dat de wereld één land is, haar bewoners één volk en dat alle religies dezelfde God aanbidden. Nadie, die zichzelf betitelt als 'een rebelse bahá'í' (omdat ze rookt, drinkt en ongetrouwd relaties heeft) kon het mede door deze visie niet verkroppen toen ze binnen haar stage bij het Mondiaal Centrum tijdens haar studie Cultuurwetenschappen een vluchteling bijstond. "Deze man was zestig, had ernstige hartklachten en leefde hier al tien jaar. Toch moest hij zonder medicijnen terug naar Afghanistan, waar hij niets had en niemand meer kende en waar de Taliban waarvoor hij was gevlucht, nog steeds rondliep. Het is onmenselijk hoe illegalen worden behandeld! Je kunt ze niet zo lang laten wachten tot je uitsluitsel geeft, terwijl ze hier niets kunnen opbouwen, niet echt ergens kunnen wonen. Ze hebben in hun land niets om naar terug te gaan." Familieleden van Nadie's vader hebben als bahá'í's vanaf de jaren tachtig moeten vluchten uit het islamitische Iran. Hoe de Nederlandse overheid met dakloosheid omgaat, begrijpt Nadie ook niet. "Er moet nog steeds meer opvang komen. Maar dat wordt volgens mij niet als probleem gezien, het wordt weggepoetst, er wordt niet over gepraat." Nadie koopt de Amsterdamse daklozenkrant altijd. Zelf heeft ze net een nieuw dak boven haar hoofd. Ze staat voor het portaal van een nieuw leven. Haar debuutalbum verschijnt, haar relatie is net uit, ('Ik ben blijkbaar toch te koppig en eigenwijs.'), ze woont weer zelfstandig en ondertussen zoekt ze na twee maanden te hebben gewerkt in een hotel in Italië een nieuwe baan die te combineren is met haar muziekcarrière. De horeca vond ze tot nu toe het makkelijkst. "Daar kun je meteen aan de slag. Ooit wil ik van de muziek kunnen leven. Maar vanaf volgende week moet ik echt snel centjes gaan verdienen."

 Other Language Versions

SNS logo
  • Website Design