print logo

Carla Bruni-Sarkozy : ‘Leven op straat is ruw, maar je behoudt je vrije wil.’

 Macadam (France) 11 January 2019

Voormalig topmodel, zangeres en vrouw van de Franse president. Carla Bruni-Sarkozy realiseert zich hoezeer zij het heeft getroffen. ‘Ieder mens kan aan de zelfkant van de maatschappij belanden.’ Ze zet zich in voor dak- en thuislozen en is bevriend met Denis, die in haar buurt op straat leeft. (1458 Words) - By Saïd Mahrane/Francois Fillon

Share

Macadam

 Courtesy of Macadam

Zonder zich te omringen met een haag van voorlichters of adviseurs staat Carla Bruni-Sarkozy de daklozenkrant te woord. Al jaren zet ze zich in voor verstandelijk en lichamelijk gehandicapten, mensen met hiv, analfabeten, minderbedeelden en voor de Franse variant op Van Harte Resto waar eenzame mensen met weinig geld kunnen dineren en sociale contacten opdoen. Ook is de presidentsvrouw sinds 2008 ambassadrice van het Mondiale Aidsfonds, sinds ze haar broer aan de ziekte heeft verloren. Onlangs liep ze mee met de daklozenopvang, zonder hieraan ruchtbaarheid te geven in de media. Geen camera of microfoon, gewoon als zichzelf. Carla Bruni-Sarkozy vindt dat er teveel 'blabla' is bij goede doelen en liefdadigheid. Ze wil actie!

 

Wat doet de Stichting Carla Bruni-Sarkozy?

Carla Bruni-Sarkozy: "Mijn stichting heeft twee doelen: de strijd aangaan met analfabetisme en minder begunstigde mensen, vooral jongeren, toegang verlenen tot kunst en cultuur. Zodat zij opleidingen kunnen volgen op grafische lycea of kunstacademies. Men denkt vaak dat interesse in kunst en cultuur spontaan komt, maar voor artistieke beroepen is een technische leertijd noodzakelijk. Wij zorgen ervoor dat dit onderwijs niet alleen maar toegankelijk is voor de elite. Vijfhonderd jongeren krijgen jaarlijks een beurs en kunnen hun droomberoep bereiken. Wij organiseren ook masterclasses met voordrachten van deskundigen uit het artistieke milieu. Wat analfabetisme betreft, helpen we iedereen die zich schaamt omdat hij niet kan lezen en schrijven. Ook volwassenen met een baan, een sociaal leven en een gezin. Ik wil benadrukken dat we niet alleen projecten steunen maar ook bestaande verenigingen die al langer werken op dit gebied. Dat is belangrijk, want ik vind dat er veel blabla bestaat in de liefdadigheid. Wij willen zeer concreet bezig zijn. Maar we willen niet de plaats innemen van mensen die al lange tijd zeer actief bezig zijn op dit gebied. Wij willen juist middelen geven en zorgen voor zichtbaarheid."

 

Hoe kunnen kunst en cultuur minder bedeelden helpen? Ligt de prioriteit niet elders?

C.B.S.: "Kunst en cultuur is niet alleen een middel om te integreren, het is een rijkdom die net zo belangrijk is als het materiële leven. Een fundamentele rijkdom van het menselijk wezen. Cultureel erfgoed is net zo fundamenteel voor iemand die dak- of thuisloos is als voor degene die een dak boven zijn hoofd heeft of een baan. Toegang tot kunst en cultuur is een universeel recht."

 

U heeft veel in het leven mogen ontvangen. Heeft u een soort schuldgevoel? Of is het gewoon een plicht voor u om te delen?

C.B.S.: "Het is een kans om mijn horizon te verbreden en met iets anders bezig te zijn dan met mezelf. Het is meer dan een plicht, ik leer er veel van, het is een gelegenheid om een interessanter leven te leiden. De grote impact die ik op de media heb, kan ik gebruiken. Me inzetten voor een ander is een behoefte die ik van nature heb, het is voor mij bijna een noodzaak zou ik willen zeggen. Ik geloof dat dit eenvoudigweg de menselijke natuur is. De mens kan tamelijk desastreus bezig zijn, maar mensen kunnen elkaar ook kracht geven. Er zijn veel mensen die minder fortuinlijk zijn dan ik en die zich fulltime belangeloos inzetten."

 

Welke boodschap wilt u hen geven?

C.B.S.: "Een boodschap van dankbaarheid. Zij die het werk doen en hun tijd investeren, zijn voorbeelden voor anderen. Praten over het helpen van anderen is makkelijk. Maar op koude winteravonden naar buiten gaan anderen helpen, dat is iets anders. Het is een roeping die velen hebben en zij doen dat in alle bescheidenheid."

 

Het zijn zware tijden voor weldoeners en daardoor ook voor daklozen. Wat is uw mening over deze maatschappij, waarin ieder meer op zichzelf is gericht dan op een ander?

C.B.S.: "Onze maatschappij zit vol gebreken, maar ik heb de indruk dat zelden eerder in de geschiedenis van de mensheid zich zoveel personen hebben ingezet voor anderen als nu. Ik reis veel met mijn man en als ik om me heen kijk, zie ik dat men in Frankrijk redelijk goed af is. De dak- en thuislozen in Frankrijk hebben ten minste gratis toegang tot zorg. Je moet erkennen dat Frankrijk zorgt voor haar burgers."

 

Snijdt u deze onderwerpen aan met uw man?

C.B.S.: "Ik bespreek alles met mijn man. Maar niet in de hoedanigheid van de Franse president. Ik zie hem zo niet. Hij kan mij soms scherpe inzichten geven, maar wij praten met elkaar als echtgenoten, als personen als ieder ander. Ik weet dat de daklozenproblematiek hem na aan het hart ligt. Het probleem van zijn functie is dat hij volledig verantwoordelijk is voor alles. Als wij mensen op straat zien slapen, raakt het ons. Hij voelt zonder twijfel de verantwoordelijkheid op zijn schouders rusten."

 

Hoe was het om mee te lopen bij een daklozenopvang?

C.B.S.: "Dat was een heel leerzame ervaring. Ik ging er onvoorbereid naartoe en daardoor kwam het me rauw op mijn dak vallen. Maar ik was getuige van voortreffelijk werk. Wat ik met name heb geleerd is dat je daklozen vaak alleen maar kunt ondersteunen. Je kunt ze niet tegen hun wil in redden en verzorgen. Je moet hun keuze respecteren. Hun vrije wil is een kostbaar goed, dat van hen is en blijft."

 

Bent u zich in uw huidige positie meer bewust geworden van de harde realiteit?

C.B.S.: "Dat ik nu anderen kan alarmeren, dat heeft mijn huwelijk volgens mij teweeggebracht. Gevoelig voor minder bedeelden was ik sowieso al. Ik heb zelf absoluut geen politieke agenda. Ik ben gewoon als mens naar de daklozenopvang gegaan, niet als mevrouw Sarkozy. Ik ben een gewone vrouw die toevallig een positie bekleedt die meer teweeg kan brengen. Ik wil gewoon als mens iets doen voor anderen. Ik zoek de politiek niet op, zij komt naar mij. Politiek omvat alles en iedereen. Maar ik wil graag het onderscheid aanbrengen tussen mij als mens en de vrouw van de president, want ik wil niet dat mensen die met mij werken zich door mijn positie geïntimideerd voelen."

 

Vertel over Denis, de man die op de stoep niet ver van uw huis leeft.

C.B.S.: "Het is een schat van een man, die inderdaad sinds lange tijd in de buurt leeft. Mettertijd hebben wij een vriendschap opgebouwd. Ik stop af en toe voor een praatje en dan hebben wij het over boeken en muziek. Denis maakt indruk op me door zijn diepgaande culturele kennis. Misschien is die kennis voor hem een belangrijke steun. Hij is helemaal zoals u en ik, behalve dat hij buiten leeft. Dat verontrust mij weliswaar, maar hij heeft nooit de straat willen verlaten. Misschien is er iets misgegaan in zijn leven. Iets wat hem heeft veranderd. Ik geloof dat je nooit kunt beweren dat je het mooi voor elkaar hebt gebracht in het leven. Het is toeval dat het met jou goed gaat. Je kunt je balans van de één op de andere dag verliezen. Een scheiding kan bijvoorbeeld genoeg zijn om je uit evenwicht te brengen. Wat bij de één alleen veel verdriet teweegbrengt, betekent voor een ander regelrecht de hel."

 

Een aftakeling zonder ommekeer?

C.B.S.: "De vrijheid blijft. De vrijheid om te kiezen voor dit leven. Dat geloof ik echt. Het is niet eenvoudig, als je cloachard bent die op een bank slaapt. Maar als je met daklozen praat, ontdek je toch echt dat ze een vrije wil hebben. Zeker, ze bevinden zich aan de zelfkant van de maatschappij. Maar je bevinden aan onderkant van de samenleving, betekent dat je dus wel een bepaalde positie hebt. Een zeer duidelijke positie. De mannen en vrouwen die daklozen helpen, hebben zeer goede sociale vaardigheden. Want het is niet alleen maar warme soep uitdelen, het draait om contact leggen en een band opbouwen. Het meest gevaarlijk voor een mens is al je banden verliezen. Als ik met Denis praat, merk ik dat hij de trossen heeft losgelaten. Ik ken zijn levensverhaal niet, ik weet niets van zijn kindertijd. Maar misschien is er geen aanwijsbare oorzaak voor zijn situatie. Ik ken ook niet-daklozen die zo zijn. Kunstenaars bijvoorbeeld, die totaal zijn afgesneden van contact met andere mensen. Je kunt goed voelen dat zij zonder hun veer, penseel of piano zelfs van zichzelf afgesneden zouden zijn. De tragedie van dit alles is dat het leven op straat een zeer ruw leven is. Met de kou, de hitte, het geweld van de straat en vaak alcohol wordt de gezondheid beschadigd. Maar de actie die wordt ondernomen in het veld door de duizenden vrijwilligers en sociaal werkers, is hoopgevend."

 Other Language Versions

SNS logo
  • Website Design